Retour à l'accueil
info@bbaa-bbav.be

d) Voorzijde groene kaart

De titel van het document “INTERNATIONAL MOTOR INSURANCE CARD/CARTE INTERNATIONALE D’ASSURANCE”moet in het Engels en in het Frans voorkomen, alsook in de ta(a)l(en) van het Bureau in kwestie.

De volgorde waarin de talen op de titel van het document verschijnen, mag door ieder Bureau zelf worden gekozen.

Het Bureau op wiens gezag de Groene kaart wordt uitgereikt, is een verplichte rubriek.

De periode van geldigheid van de Groene Kaart moet vermeld worden maar de manier waarop dit gebeurt is optioneel, in overeenstemming met de overeenkomst die werd bereikt tijdens de Algemene Vergadering van de Raad van Bureaus in 1999: het geldigheidsjaar kan worden aangeduid aan de hand van van 2 of 4 cijfers.

Iedere Groene Kaart wordt geacht geldig te zijn gedurende ten minste 15 dagen te rekenen vanaf de aanvangsdatum . Een Groene Kaart met een kortere geldigheidsduur blijft niettemin gedurende 15 dagen geldig en wordt gewaarborgd door het Bureau onder wiens toezicht deze werd uitgereikt.

De identificatie van de Groene Kaart blijft een verplichte vermelding in overeenstemming met een beslissing van de Algemene Vergadering van de Raad van Bureaus in 1999. Iedere verwijzing naar een serie- of referentienummer werd niettemin opgeheven. “Land code/Code Verzekeraar/Nummer” is een verplichte rubriek. Het gebruik van “Nummer” als verwijzing naar een polis of serienummer of iedere andere nummering blijft tot de bevoegdheid behoren van ieder Bureau. Het Belgisch Bureau vraagt aan zijn leden het polisnummer te vermelden.

Het kenteken , de soort evenals het merk van het voertuig worden vermeld respectievelijk in de rubrieken 5,6 en 7.
Het kenteken blijft een verplichte vermelding. De rubriek betreffende de “soort” en het “merk” van het voertuig werd om nauwkeurigheidsredenen in twee verdeeld. De “soort” staat in een kleiner vakje (maar één letter nodig), zodat er meer plaats overblijft voor Rubriek 7 (aangezien het “merk van het voertuig” meer plaats inneemt).

Definitie van de code "soort" motorrijtuig : A (Personenauto), B (Motorrijwiel), C (Vrachtwagen of Trekker), D (Bromfiets), E (Autobus), F (Aanhangwegen of Oplegger) en G (Overige).

Wanneer de verzekeringsnemer een voertuig bezit met een aanhangwagen of caravan, kan de vermelding “en aanhangwagen” alsook “en caravan” worden toegevoegd aan rubriek 6 van de Groene Kaart (soort motorrijtuig) indien de wet op de verplichte BA-Auto van het bezochte land geen afzonderlijke Groene Kaart vereist voor de verzekering van aanhangwagens en caravans.

vanaf 1 februari 2012 :

De rubriek "dekkingsgebied" herneemt de afkortingen van alle landen die zijn toegetreden tot het groene kaart systeem.

Iedere verzekeraar die wenst dat zijn Groene Kaarten in bepaalde landen niet geldig zijn, moet het vak waarin de internationale afkortingen van deze landen staan, doorstrepen.

Evenwel, iedere Groene Kaart die wordt uitgegeven bij wijze van dekking van een motorrijtuig met gewoonlijke standplaats in een van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte (EER), moet verplicht dekking verlenen voor het hele grondgebied van de EER. De verzekeraars mogen enkel die landen doorstrepen die geen deel uitmaken van de EER

EER = EU ( Oostenrijk, België, Bulgarije, Cyprus, Tsjechische Republiek, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Duitsland, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Polen, Portugal, Roemenië, Slovakije, Slovenië, Spanje, Zweden, Verenigd Koninkrijk) + Noorwegen, IJsland en Liechtenstein

Bovendien is het verboden de afkortingen van de volgende landen te doorstrepen: Kroatië ( land van de multilaterale garantieovereenkomst), Marokko ( verplichte dekking door de Belgische modelovereenkomst ), Zwitserland (( land van de multilaterale garantieovereenkomst),Tunesië ( verplichte dekking door de Belgische modelovereenkomst ), Turkije ( verplichte dekking door de Belgische modelovereenkomst ).

Vanaf 1 januari 2012 is het verboden de afkorting van Servië te doorstrepen ( land van de multilaterale garantieovereenkomst).

De naam en het adres van de verzekeringsnemer moeten worden aangeduid, maar zijn handtekening is niet nodig.

De verzekeraar die de groene kaart uitreikt beschikt nu over meer plaats om zijn naam en adres te vermelden (verplichte vermelding), maar eventueel ook om zijn logo, telefoon- en/of faxnummer, website en e-mailadres aan te duiden (optionele vermelding). Het logo mag een beveiliging tegen vervalsing bevatten. De vermelding, weglating of wijziging van het logo van een verzekeraar kan nooit worden ingeroepen als vervalsingselement van de Groene Kaart zelf.

Tot slot moet het document worden ondertekend door de verzekeraar

Nuttige inlichtingen

De Verzekeraar kan voor zijn verzekeringsnemer nu ook bepaalde nuttige inlichtingen vermelden in een rubriek die derhalve “nuttige inlichtingen” werd benoemd (optioneel): bijvoorbeeld zijn internetadres, vermeldingen van andere diensten, nuttige tips in geval van een ongeval, enzovoorts.